Monstera verpotten

Een Monstera groeit hard en heeft om de één à twee jaar een grotere pot nodig. Verpotten geeft de wortels weer ruimte en verse voeding, waardoor de plant voller en sneller groeit. Hieronder lees je wanneer het tijd is, welke pot en grond je kiest, en hoe je stap voor stap verpot.
Wanneer verpot je een Monstera?
Verpot een Monstera het liefst in het voorjaar, aan het begin van het groeiseizoen, zodat hij snel herstelt. Tekenen dat het tijd is: wortels die uit de afwateringsgaten of bovenuit de pot groeien, water dat er meteen doorheen loopt zonder te worden opgenomen, of een plant die topzwaar wordt. Gemiddeld is dat eens per één tot twee jaar.
Welke pot en grond kies je?
Kies een pot die twee tot vier centimeter breder is dan de huidige; een veel te grote pot houdt te lang vocht vast. Zorg voor afwateringsgaten. Gebruik luchtige potgrond, het liefst speciale kamerplanten- of aroïdeae-grond, eventueel aangevuld met een handje perliet of orchideeënschors voor extra structuur en zuurstof bij de wortels.
Stap voor stap verpotten
Haal de plant voorzichtig uit de oude pot en kantel hem; trek niet hard aan de stengel. Woel de wortelkluit losjes open en knip beschadigde of zwarte wortels weg met een schone schaar. Leg een laagje hydrokorrels en wat verse grond onderin de nieuwe pot, zet de plant op dezelfde diepte als voorheen, vul aan met grond en druk licht aan. Geef daarna een ruime gietbeurt.
Verzorging na het verpotten
Zet de Monstera na het verpotten op een lichte plek uit de volle zon en geef hem een à twee weken rust om te wennen; geef in die periode geen voeding. Wat hangende bladeren of een korte groeistop zijn normaal. Na ongeveer vier weken kun je weer beginnen met bemesten.
- Verpot in het voorjaar voor het snelste herstel.
- Ga niet te groot met de pot: maximaal een paar centimeter breder.
- Zet meteen een mospaal mee in de pot als steun voor een klimmende Monstera.



