Egelhuis maken in negen stappen: zo help je egels de winter door in je tuin

Marijn Koster· 21 oktober 2026· 5 min lezen
Egelhuis maken in negen stappen: zo help je egels de winter door in je tuin
Foto: Alexas_Fotos via Unsplash

Wie deze weken ’s avonds een egel door de tuin ziet scharrelen, kijkt naar een dier dat haast heeft. Tussen oktober en maart gaan egels in winterslaap, en daarvoor zoeken ze nu een droge, beschutte plek voor hun nest. In een netjes aangeharkte tuin is die plek er vaak niet. Gardeners’ World zette op 20 oktober een bouwgids voor een egelhuis in negen stappen online, gebaseerd op het ontwerp van Egelbescherming Nederland. Dat is een mooie klus voor een herfstzaterdag, maar wel een waarbij een paar details het verschil maken tussen een veilig nest en een vochtige kist.

Waarom egels juist dit jaar wat extra hulp kunnen gebruiken

De landelijke egeltelling van september liet een flinke daling zien. Volgens Egelbescherming Nederland werden er in 2026 in Nederlandse tuinen 5.653 egels doorgegeven, tegenover ruim 9.300 in 2025 en ruim 13.000 in 2024. De organisatie noemt de telling zelf een momentopname, ook omdat er minder mensen meededen en er problemen waren met het doorgeven van waarnemingen. Toch past de uitkomst in een breder beeld. De internationale natuurbeschermingsorganisatie IUCN zette de West-Europese egel in 2024 op de lijst als bijna bedreigd, en de warme, droge zomer van 2026 maakte het voor veel jonge egels lastig om genoeg voedsel te vinden voor de winter.

Een egel in winterslaap is kwetsbaar voor kou, nattigheid en verstoring. Vinden ze geen goede plek, dan wijken ze uit naar composthopen, takkenstapels die later worden opgestookt, of naar schuurtjes en kassen waar ze ingesloten kunnen raken. Een goed egelhuis in een rustige hoek haalt dat risico weg.

Eerst dit, voordat je gaat zagen

Het eerlijke advies van Egelbescherming Nederland is minder vanzelfsprekend dan je zou denken. Volgens de organisatie betekent het woord egelhuis op een verpakking niet automatisch dat een huis veilig is, en in hun testrapporten vallen meerdere kant-en-klare huisjes af omdat ze te klein zijn of niet waterdicht. Hun stelregel is liever geen egelhuis dan een onveilig egelhuis. Dat vind ik een sterke reden om zelf te bouwen volgens een getest ontwerp in plaats van het eerste schattige houten huisje uit de schappen mee te nemen. Wie geen zin heeft om te klussen, kan ook gewoon een hoek van de tuin rommelig laten. Een dichte struik met een laag bladeren eronder is voor een egel net zo goed een slaapplaats.

Het ontwerp waar Gardeners’ World mee werkt heet HedgyHome 1.0. Egelbescherming Nederland ontwikkelde het en gebruikt het als referentie bij het testen van andere egelhuizen. De bouwtekening is gratis te downloaden op de site van Egelbescherming Nederland, onderaan de pagina over egels in de tuin.

Wat je nodig hebt

Het hout haal je bij een houthandel of bouwmarkt, schroeven en dakleer ook. Het ontwerp schrijft onbehandeld hout voor, dus laat verf en beits achterwege.

  • Onbehandeld douglashout, dat vocht goed reguleert, in de vorm van twee sponningplanken van 3 meter (wanden), een plank met veer en groef van 5 meter (bodem en dakbeschot), een steigerplank van 2 meter (tunnel), een panlat van 6 meter (binnenframe) en een tuinlat van 3 meter (dakrand)
  • Onbehandeld meranti voor het dak, 2,7 meter lang
  • Wit dakleer van ongeveer 61 bij 69 centimeter
  • Roestvrijstalen of buitenschroeven van 3,5 x 35 mm, en negentien van 4 x 50 mm voor het dak
  • Houtzaag, decoupeerzaag, boormachine en schuurpapier
  • Kranten en een flinke zak kurkdroge herfstbladeren

Het egelhuis bouwen in negen stappen

  1. Kies de plek. Uit de zon, met beschutting van overhangende takken of lage begroeiing, en met de opening dicht bij een schutting of heg. Egels lopen graag langs de randen van hun gebied.
  2. Zaag bodem en wanden. Begin met de bodem en zet de wanden ertegenaan. Houd een binnenmaat aan van minstens 40 centimeter lang, 50 breed en 40 hoog, en een opening van minstens 13 bij 13 centimeter.
  3. Maak ventilatie. Bovenin de voor- en achterwand komt een ventilatiespleet van minstens anderhalve centimeter hoog. Een egel ligt er soms maandenlang, en een vochtig of slecht geventileerd huis is volgens Egelbescherming Nederland schadelijk voor zijn gezondheid.
  4. Schroef alles vast. Gebruik schroeven en geen lijm, en controleer of er nergens scherpe punten uitsteken.
  5. Maak een afneembaar dak. Laat het meranti dak aan alle kanten overstekken zodat regen ervan afloopt, en zet het dakleer erop vast. Doordat het dak los kan, maak je het huis later makkelijk schoon.
  6. Bouw de tunnel. Zaag de tunnel uit de steigerplank. Omdat er straks pootjes onder komen, hoeft de opening in de tunnel maar 10,8 centimeter hoog te zijn.
  7. Zorg voor afwatering. Boor vier gaten in de bodem en zet het huis op pootjes, zodat de bodem niet nat wordt.
  8. Schuur alles glad. Splinters en scherpe randjes kunnen een egel verwonden.
  9. Vul het huis. Leg kranten op de bodem en vul het huis voor de helft met droge herfstbladeren. Het nest bouwt de egel zelf.

Na het plaatsen

Een egel moet je tuin wel kunnen bereiken. Egelbescherming Nederland adviseert een opening van 14 bij 14 centimeter onderin de schutting, zodat egels van tuin naar tuin kunnen lopen. Houd honden uit de buurt van het huis, want die kunnen het uitgraven. En gebruik geen slakkenkorrels of insectengif. Een egel eet elke nacht de slakken en rupsen die dat gif hebben binnengekregen, en dat stapelt zich op. Wie de tuin deze herfst wat wilder laat, met blad onder de struiken en planten die je pas in het voorjaar terugknipt, helpt meteen ook de insecten waar egels van leven. Wat je in oktober beter niet snoeit, zetten we in een eerder stuk op een rij.

Haast is er niet echt. Volgens Egelbescherming Nederland kun je een egelhuis de hele winter door plaatsen, want sommige egels wisselen in februari nog van nest. Is het huis in april of mei verlaten, maak het dan schoon, controleer het op vocht en schade en vul het opnieuw met droog blad. Egels bouwen elk jaar een nieuw nest, dus een schoon huis is in het volgende najaar weer net zo welkom.

Marijn Koster
Mijn naam is Marijn Koster en ik schrijf over wonen vanuit één centrale gedachte: een huis moet vóór je werken, niet tegen je. Of het nu gaat om een compacte stadswoning, een gezinswoning of een renovatieproject, slimme keuzes in indeling, materiaal en gebruik maken het verschil tussen “mooi” en écht comfortabel. Ik combineer een praktische blik met oog voor sfeer. De mooiste interieurs zijn niet per se de duurste, maar de doordachtste. Hoe valt het licht? Waar verlies je onnodig ruimte? Welke materialen blijven over tien jaar nog steeds prettig? Dat zijn de vragen die ik stel. Op toetwonen.nl deel ik inzichten over verbouwen zonder verspilling, efficiënter omgaan met ruimte, energiebewuste aanpassingen en onderhoud dat je woning toekomstbestendig maakt. Geen ingewikkelde vaktaal, maar duidelijke uitleg en toepasbare adviezen. Wonen is geen eindpunt maar een proces. Mijn doel is om lezers te helpen betere keuzes te maken — keuzes die vandaag prettig voelen en morgen nog steeds logisch zijn.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *